Heilig-Bloedprocessie
Heilig_Bloedprocessie1913.jpg
De Heilig-Bloedprocessie is een jaarlijkse processie rond de reliek van het Heilig Bloed te Brugge. De oudste sporen van de processie gaan terug tot 1291. De eerste vermelding van een stoet vindt men terug in 1303 waar een Heilig-Bloedommegang werd gehouden. Vanaf 1310 viel deze gebeurtenis nog eens samen met de jaarmarkt, waardoor de processie een grote groei kende. Vooral Bijbelse taferelen werden opgevoerd, maar vanaf de 15e eeuw kwamen ook sagen als die van het Ros Beiaard aan bod. Slechts tijdens enkele woelige periodes zoals tijdens de godsdienstoorlogen en de Franse Revolutie ging de processie niet uit. De tegenwoordige processie verwijst vooral naar Brugge op het hoogtepunt van haar macht in de 15e eeuw. De oudste vermelding van de processie vindt men terug in een keure van het gilde van de pijnders (lossers) uit 1291. Daaruit blijkt dat de Brugse gilden en ambachten verplicht waren aan de processie deel te nemen. Waarschijnlijk bestond er voor 1291 al een toning van het Heilig Bloed in de kapel op de Burg. Uit dit gebruik is vermoedelijk de ommegang of processie ontstaan. Vanaf 1310 besliste de Brugse stadsoverheid de feesten rond het Heilig Bloed, met de en de veertiendaagse plechtigheden te laten samenvallen met de jaarmarkt (de Meifoor). Op die manier, en ook door de stadsboden die Vlaanderen doorkruisten, groeiden de volkstoeloop en de devotie voor het Heilig Bloed. De Edele Confrérie van het Heilig Bloed werd kort na 1400 gesticht. Zij heeft tot doel de relikwie te bewaren en de verering ervan te bevorderen. Zij organiseert onder meer de jaarlijkse processie. De 31 leden moeten in Brugge wonen en zoals een oud document het stelt, "lieden van eere zijn". Vroeger waren alle leden van adel, vandaag zijn slechts 11 leden nog uit de adellijke stand.

De huidige processie is opgevat in een stijl die teruggrijpt naar Brugges Gouden Eeuw (15e eeuw). Sinds de 12e eeuw wordt de relikwie van het Heilig Bloed door talrijke broederschappen en verenigingen uit Brugge vereerd. Het reliekschrijn van het Heilig Bloed is door de Brugse goudsmid Jan Crabbe in 1617 vervaardigd van ongeveer 30 kilo goud en zilver en meer dan 100 edelstenen. De beeldjes in de bovenste torentjes zijn van Sint-Donaas, patroonheilige van Brugge, van Christus, van de Maagd Maria en van de Heilige Basilius. Jaarlijks, op Hemelvaartsdag, wordt het schrijn met de relikwie in de Heilig-Bloedprocessie gedragen door deelnemende bisschoppen en prelaten na een Pontificale Hoogmis in de Sint-Salvatorskathedraal. Deze processie wordt nog druk bijgewoond door bedevaarders; in 2007 zakten 30.000 gelovigen af naar Brugge om het Heilig Bloed te zien.

Nog vandaag wordt aan de relikwie eer betuigd door de prelaten, de geestelijkheid en de burgerlijke overheden in naam van de hele bevolking. Iedere vrijdag wordt de relikwie van het Heilig Bloed aan de gelovigen voor verering aangeboden, voor en tijdens de eucharistie. Eind 2009 kwam de processie op de lijst van Meesterwerken van het Orale en Immateriële Erfgoed van de Mensheid van de UNESCO. Gedurende veertig jaar verzorgde regisseur Tony Willems de regie van de processie. In 2009 werd deze opdracht doorgegeven aan Dominique Dekkers.

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License